Italië heeft de EU-doelstellingen voor groene waterstof wettelijk vastgelegd door het RED III-decreet in werking te laten treden. Deze stap verplicht het land om aanzienlijke hoeveelheden groene waterstof in te zetten in industrie en transport, in lijn met de Renewable Energy Directive III (RED III) van de EU.

Implementatie van RED III

De implementatie van het RED III-decreet betekent dat Italië zich nu officieel committeert aan de productie en het gebruik van groene waterstof. Dit is essentieel voor de decarbonisatie van sectoren zoals de industrie, waar waterstof als grondstof of energiebron kan dienen, en het transport, waar het als brandstof kan worden gebruikt voor bijvoorbeeld vrachtwagens, bussen en schepen. De wetgeving zal naar verwachting investeringen in de productie van groene waterstof stimuleren, waardoor de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen vermindert en de uitstoot van broeikasgassen wordt teruggedrongen.

Stimulering van groene waterstof

Het decreet biedt een kader voor de ondersteuning van projecten die gericht zijn op de productie van groene waterstof. Dit kan bijvoorbeeld via subsidies, belastingvoordelen of andere financiële instrumenten. De focus ligt op waterstof die wordt geproduceerd met behulp van hernieuwbare energiebronnen, zoals zonne- en windenergie, om te garanderen dat de waterstof daadwerkelijk bijdraagt aan de reductie van de CO2-uitstoot. De wetgeving zal naar verwachting ook bijdragen aan de ontwikkeling van de benodigde infrastructuur voor de distributie en het gebruik van groene waterstof.

Impact op de Italiaanse economie

De verankering van de EU-doelstellingen in de Italiaanse wetgeving heeft potentieel grote economische gevolgen. Naast de positieve impact op het milieu, kan het leiden tot de creatie van nieuwe banen in de sector van de hernieuwbare energie en de waterstofproductie. Bovendien kan het Italië positioneren als een belangrijke speler in de Europese waterstofmarkt en de concurrentiepositie van de Italiaanse industrie versterken.

Nederland en België

Voor Nederland en België liggen ook grote uitdagingen als het gaat om het halen van de Europese doelstellingen. Nederland zou in 2030 4 GW aan elektrolyse capaciteit (of import) in gebruik moeten hebben genomen. Volgens de huidige (optimistische) planning haalt Nederland 1,4 GW. Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan Europa’s grootste elektrolyser op de 2e Maasvlakte. Deze Holland Hydrogen I van Shell heeft een capaciteit van 0,2 GW.

Belgie heeft momenteel de planning om 0,1 GW aan elektrolyse capaciteit beschikbaar te hebben in 2030. Aangezien er momenteel nauwelijks grijze waterstof wordt gebruikt bij onze zuiderburen, is er ook geen Europese minimale eis neergelegd.

Categorieën: Beleid

0 reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *